Een klein gedeelte van de zwarte sterns kiest voor West- of Noordoost-Nederland als broedgebied. Ze verschijnen rond 1 mei, nestelen jaarlijks op dezelfde plekken en gaan tegen half augustus alweer terug naar Afrika. De vogel heeft een voorkeur voor moerasachtige gebieden met ondiep water. Dichte vegetaties van de drijvende waterplanten zoals de krabbenscheer dienen als nestelgelegenheid. De nesten bestaan grotendeels uit afgestorven vegetatie en staan soms gedeeltelijk onder water. De aanwezigheid van voldoende voedsel in de vorm van insecten, larven en vis is essentieel voor het succesvol grootbrengen van de jongen. Omdat krabbenscheer door waterverontreiniging op veel plaatsen geheel verdwenen is, worden onder andere door Staatsbosbeheer, Natuurmonumenten en vrijwillige natuurbeschermers voor het broedseizoen begint nestvlotjes uitgezet. Deze met een grasplag bedekte alternatieve broedgelegenheid wordt door de vogel met graagte gebruikt. Krabbenscheer keert sinds het begin van de eenentwintigste eeuw op een aantal plaatsen terug dankzij verbetering van de waterkwaliteit.
Lees meer
Reacties (1)
Mooie actiefoto.