De Graspieper leeft in open landschappen. Hij vliegt al zingend omhoog en laat zich dan als een parachute vallen met stijve gespreide vleugels en hangende pootjes. Na deze zangvlucht land de Graspieper in een struik of op het gras in plaats van in een boom zoals de Boompieper. Het nest is goed verstopt in het gras en eenmaal op de grond houdt de vogel zich muisstil en sluipt ongezien naar zijn nest.
Lees meer
Reacties (10)
Vr.gr van
Hg
Frieda