De rups van de kleine wintervlinder (Operophtera brumata) is een opvallende verschijning in het vroege voorjaar. Hij staat bekend als een 'spanrups' vanwege de karakteristieke manier van voortbewegen, waarbij hij zijn achterlijf naar voren trekt en zo een U-vorm maakt.
De rups is lichtgroen tot geelgroen van kleur. Over de rug loopt een donkere middenstreep, met aan weerszijden twee lichte, witte lengtestrepen.
Bij de geboorte zijn ze slechts 1 mm lang, maar ze groeien uit tot ongeveer 2 à 2,5 cm.
De rupsen komen uit het ei zodra de eerste knoppen van bomen uitlopen. Ze voeden zich met jong blad, bloesem en jonge vruchten.
Rond juni laten de volgroeide rupsen zich aan een zijden draadje uit de boom zakken naar de grond. Daar spinnen ze een cocon in de bodem om te verpoppen en pas in het najaar (na de eerste nachtvorst) als vlinder te verschijnen.
Ik zag deze gisteren in een bos vlak bij Hulst in Zeeuws-Vlaanderen.
Lees meer
Reacties (3)
Prachtige foto!
groet Hanneke
Wat een fraaie camouflagefoto
vrgr Annelies V.