Het gras is geel, de heide is kurkdroog en het grondwaterpeil staat extreem laag. Het is de warmste en droogste zomer sinds 1976. En dat heeft allerlei gevolgen voor de natuur. Sommige soorten hebben baat bij die langdurige warmte en ontwikkelen zich in recordtempo.
Voor- en nadelen van de droogte
Zo zijn er nu al relatief veel en grote wespennesten, ruim voor de traditionele wespenmaand is begonnen, en zijn de eikenprocessierupsen dit jaar vroeger dan ooit. Tegelijkertijd zijn al veel bomen en struiken in een soort ‘herfststand’ vanwege het tekort aan water, drogen veel poelen, beken en rivieren op en kunnen zoogdieren als zwijnen en dassen hun traditionele wormenmaal wel op hun buik schrijven. Die zitten nu diep in de grond, bij het grondwater.
Wat zijn de gevolgen van die langdurige warmte en droogte, op zowel de korte als de lange termijn? Als iemand dat weet is dat wel Arnold van Vliet van de Wageningen Universiteit en bovenal van
de Natuurkalender
. En daarmee gespecialiseerd in het vakgebied van de fenologie. En qua fenologie is het tot nu toe een tamelijk bijzonder jaar.
Verzuring van de bodem
Volgens Arnold van Vliet hebben de in de toekomst vaker te verwachten droge en warme zomers grote gevolgen voor de natuur en ook het natuurbeheer op de lange termijn. Een gevaar van die droogte is bijvoorbeeld de verzuring van de bodem. Doordat het grondwaterpeil zakt komt het kalkrijke water niet meer in de buurt van plantenwortels. Een ander gevolg is de verzilting van natuurgebieden. Van Vliet pleit ervoor dat natuurbeheerders beter inspelen op de gevolgen van de klimaatverandering.