
Er is veel geschreven over de overheidsfolder Bereid je voor op een noodsituatie (Denk vooruit. Wat jij vandaag doet, maakt ons morgen sterker).
Natuurlijk houdt het altijd iets lulligs als een neoliberale overheid zich tot haar burgers richt. Enerzijds waarschuwen, anderzijds geruststellen. Vol roze wolkjes die aan ‘Het kan wel!’ van Rob Jetten doen denken. Desondanks blijft de subtekst ‘Zoek het zelf maar uit!’
Ik woon in de westelijke Achterhoek en keek een paar jaar geleden naar een kaart waarop de Volkskrant het effect zichtbaar maakte van een extreem stijgende zeespiegel. Amersfoort aan Zee. Overigens intussen een steeds realistischer scenario. Wat bleek? Een overstromende IJssel zou ruim voor ons dorp ophouden. Hoera! Wij zitten hoog en droog in onze huizen!
Zou het? Tot mijn woning gevorderd wordt voor de burgemeester van Amersfoort en die van de buren voor de politiecommissaris van Schiedam? En wij dorpsgenoten, gezellig in gymzalen vol stapelbedden?
Ik heb geen enkele illusie over burgerrechten in noodsituaties, omdat die ook nu al sneuvelen. Voor defensie, voor Tata, voor Schiphol, voor Chemours, voor de projectontwikkelaars en de vastgoedondernemers in de bouw. Last but not least, voor de boeren, door de trumpiaanse vertegenwoordigers van de wolvenjagerspartij BBB. Wetten en regels worden buiten werking gesteld.
Een noodsituatie van 72 uur wordt waarschijnlijk niet door Poetin veroorzaakt, maar door datacenters. U weet wel, waarvan we er steeds maar meer moeten hebben, omdat we anders internationaal niet kunnen concurreren, volgens cijfersjoemelaar Peter Wennink en andere ondernemers. Hoeveel elektriciteit (en water) de meestal buitenlandse datacenters hier gebruiken, weten we niet, want die weigeren daarover gegevens te verstrekken. Wel stellen deskundigen dat hun verbruik heel erg hoog moet zijn. Al die nieuwe windmolens en zonneparken en het energietransitieproject dat het dorp Moerdijk van de kaart veegt, komen dus vooral datacenters ten goede. Maar de groei van ons elektriciteitsnet kan de groei van het aantal datacenters niet bijbenen. U weet dus waarom u binnenkort tussen 16 en 21 uur minder stroom moet gebruiken. En niet alleen voorrang voor de datacenters, maar waarschijnlijk ook voor defensie, Tata, Schiphol en ASML.
Maar wat gebeurt er eigenlijk als een noodsituatie langer dan 72 uur blijft voortduren? Dat burgers vanzelfsprekend ‘samenwerken’ bleek bij de covid-lockdowns helaas niet langer te duren dan veertien dagen, ook elders zien we deze termijn terugkeren. Overigens, ondanks dat ‘samenwerken’ bleken burgers toch meteen al massaal te hamsteren, terwijl de overheid daarvoor – nadrukkelijk en met argumenten – had gewaarschuwd.
Je houdt bovendien je hart vast in een land waarin een groot deel van de bevolking geen vertrouwen meer heeft in de overheid. Waarin elk jaar begint met een nationale vuurwerkramp.
En denk ook aan de kleine groep steenrijke burgers met allerlei handige privileges – bunkers, bewakers, privévliegtuigen en -helikopters en diverse woningen in het buitenland. Die kunnen het inderdaad uitstekend zelf uitzoeken. Samenwerken? De instructies van de overheid respecteren? Haha!
Wie zich werkelijk wil voorbereiden op langdurige, structurele noodsituaties, kan veel beter wat dystopieën lezen of bekijken. En dan bedoel ik niet de klassieke als Nineteen Eighty-Four van George Orwell, of Brave New World van Aldous Huxley, zoals Bas Heijne suggereerde. Evenmin post-apocalyptische SF waarin een klein groepje mensen een atoomoorlog overleeft en door apen of aliens wordt geregeerd, dan wel door zich door een genetische mutatie weet aan te passen. Ook geen ‘realistische’ dystopieën met Russen in de achtertuin of Amerikanen op het Scheveningse strand.
De dystopieën die de laatste tijd het meest indruk op mij hebben gemaakt, gaan over samenlevingen als de onze, waarin bestaande ontwikkelingen nog verder uit de hand zijn gelopen. Denk aan de multimiljardairs die nu al bezig met het stichten van eigen republiekjes op eilanden die ze aanschaffen. Geen belasting en een libertaire alleenheerschappij.
Hierop varieert de film 2012 (2009), waarin de door aardbevingen en gigantische tsunami’s geteisterde Amerikaanse westkust een kleine groep superrijken kan ontkomen in gigantische ‘arken’. Denk daarbij ook aan het ‘eindtijdsfascisme’, een term gemunt door Naomi Klein en Astra Taylor, met een apocalyptisch visioen waarin het van Palestijnen gezuiverde ‘herstelde, historische’ Israël nu eindelijk de joods-christelijke Messias kan verwelkomen.
Antifeminisme is ook een dystopisch thema. Al in 1972 had Ira Levin met The Stepford Wives een stadje waarin vrouwen door hun mannen worden gehersenspoeld tot wat wij nu tradwives noemen. Margaret Atwoods The Handmaid’s Tale liet al in 1985 zien hoe de ultraconservatieve witte gelovigen in een deel van de – gedesintegreerde - VS een theocratische dictatuur wisten te vestigen.
Dan hebben we een toekomstige sinistere overheidsinstelling die de burger per definitie als vijand beschouwt en iedereen die afwijkt – al is het alleen maar omdat die op een bepaald moment op de verkeerde plaats is; een spijbelende scholier bijvoorbeeld – onverbiddelijk arresteren. Ongecontroleerd; advocaten zijn niet voorhanden en de omgeving wordt niet geïnformeerd. Zie Little Brother van Cory Doctorow (2008).
In The Prophet’s Song van Paul Lynch (2023) heeft een fascistische partij in Ierland de verkiezingen gewonnen en maakt vervolgens een eind aan de rechtsstaat. Kritische burgers worden gearresteerd en soms ook geëxecuteerd. Er zijn partijen in ons land die dit wel zien zitten, al is alleen de SGP voor de doodstraf.
Een andere categorie heeft geen atoombom, maar hevige overstromingen, extreem hoge (en/of lage) temperaturen, langdurige droogte. Daardoor bezwijkt de infrastructuur van een land in alle betekenissen van het woord. Inderdaad ‘Zoek het zelf maar uit!’
Parable of the Sower (1993) van Octavia E. Butler beschrijft minutieus hoe de leden van lokale gemeenschappen in California stukje voor stukje worden verdreven door ongeregelde bendes van criminele drugsverslaafden. Alleen de superrijken in hun gated communities zijn in staat zich te handhaven, de rest van de bevolking begeeft zich letterlijk ‘on the road’.
Ian McEwan vertelt in het post-apocalyptische What we can know (2025) vanuit het jaar 2119, waarin een zeespiegelstijging het Verenigd Koninkrijk heeft veranderd in een verzameling tamelijk geïsoleerde eilandjes. In de film Waterworld (1995), die speelt in 2500, staat heel de aarde onder water en varen criminele bendes rond vanuit plekken als verlaten boortorens. Droog land is een mythe. Spoiler, aan het slot van de film blijkt het toch te bestaan.
Ik ben geen echte fan van zulke dystopieën die ‘goed’ eindigen. Daaraan lijden ook een paar die ik hierboven aanstipte.
Ik heb een tip voor een nieuwe dystopie. Schrijvers, let op!
Uiterst alarmerend lijkt deze dagen het ontdooien van de Siberische permafrost. Niet alleen vanwege de enorme uitstoot van CO2 en methaan, maar vooral om tienduizenden jaren oude ziektekiemen die daarin schuilen. Daardoor zouden wereldwijde epidemieën kunnen ontstaan, waarbij vergeleken die van covid een lichte verkoudheid was, die met een paracetamolletje viel te bestrijden. Denk aan de pest in de middeleeuwen of aan de inheemse Amerikanen die in de zestiende eeuw massaal bezweken aan ziekten die de Spanjaarden hadden geïntroduceerd.
Veel succes gewenst bij het schrijven!
Meld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.