
Het aantal lange combinatiestraffen – gevangenisstraf plus tbs – is meer dan verdubbeld. Dat blijkt uit onderzoek van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Datacentrum (WODC), het onafhankelijke kennisinstituut voor de rechtsstaat. De afgelopen vijf jaar kregen 48 mensen tien jaar of (veel) meer gevangenisstraf plus tbs opgelegd. In de vijf jaar daarvoor betrof dat 21 mensen. Bekende voorbeelden van daders met zo’n straf zijn Alex L. (vermoordde zijn vriendin, verkrachtte en wurgde vervolgens haar dochter met een hondenriem en kreeg daarvoor 30 jaar cel en tbs), Donny M. (misbruikte en doodde de 9-jarige Gino en kreeg daarvoor 25 jaar cel en tbs) en Michael P. (verkrachtte en vermoordde Anne Faber en kreeg daarvoor 28 jaar en tbs).
Hoge combinatiestraffen waren menig behandelaar die ik sprak voor mijn boek De minimaatschappij – in en over tbs een doorn in het oog. Gevangenisstraf heeft immers effect op mensen. Ze lopen detentieschade op, verharden; in de tbs-kliniek moeten ze zich juist weer kwetsbaar (leren) opstellen. Niemand die het vergeldingsperspectief bagatelliseerde, maar vanuit therapeutisch perspectief beginnen behandelaren liefst zo dicht mogelijk op het gepleegde delict. Om Michiel Verhees, directeur Behandeling & Zorg van tbs-kliniek de Rooyse Wissel, te citeren: ‘Hoe langer geleden, hoe meer iemands geheugen vertekend raakt, hoe lastiger de behandeling.’ Rechters moeten volgens Verhees daarom scherper kiezen: ‘Verdient iemand een heel lange gevangenisstraf of uit humaan oogpunt ook redelijk snel behandeling voor zijn psychopathologie? Bezien in het licht van de discussie dat levenslang niet meer levenslang mag zijn, voelt tbs met zulke hoge combinatiestraffen als extra slot op de deur.’
Verhees heeft beslist een punt. Impliciet luidt de boodschap bij zo’n vonnis immers: nooit meer terug op straat. En dat botst met het doel van tbs. Dat is, naast allereerst beveiliging van de maatschappij, behandeling en resocialisatie. Met het opleggen van hoge combinatiestraffen kun je stellen dat de tbs-maatregel wordt misbruikt om mensen maar lang genoeg op te sluiten bij gebrek aan andere mogelijkheden.
In het WODC-rapport stellen advocaten en behandelaars nu dat door deze hoge combinatiestraffen het te lang duurt voordat iemand aan een tbs-behandeling mag beginnen (thans twee jaar voor het einde van iemands celstraf) – en dat gaat ten koste van de effectiviteit. Dat laatste is de vraag. Zo’n uitspraak moet immers zijn gebaseerd op empirisch onderzoek dat twee representatieve groepen tbs’ers heeft vergeleken; de ene groep is bijvoorbeeld na twee jaar met tbs begonnen, de andere groep na tien jaar. Zulk onderzoek zal om ethische redenen nooit plaatsvinden.
Sowieso is de vraag hoe effectief tbs is lastig te beantwoorden; dat zal per tbs’er telkens opnieuw moeten worden bepaald. Tbs’ers, zo wijst onderzoek uit, recidiveren weliswaar aanzienlijk minder dan ‘gewone’ gevangenen. Toch is nooit hard te maken dat tbs’ers oorzakelijk door hun behandeling niet of minder recidiveren; er is immers geen vergelijkbare controlegroep geweest zonder behandeling. Mensen, en dus ook tbs’ers veranderen doorgaans wel iets over (of door) de tijd – omdat ze berouwvoller worden, wilskrachtiger, wijzer, minder last hebben van een opdringerig libido, middelengebruik onder controle dan wel afgebouwd hebben, wie zal het zeggen.
Voorzichtigheid bij interpretatie van de beschikbare cijfers is daarom geboden, benadrukt WODC-onderzoeker Klaus Drieschner in mijn boek: ‘Het verschil tussen recidivecijfers van ex-tbs-gestelden en ex-gedetineerden geldt onder geen beding als bewijs voor de (in)effectiviteit van beide typen sancties.’ Het betreft namelijk zeer verschillende groepen. De tbs-groep is bij uitstroom aanzienlijk ouder en bevat meer zedendelinquenten. ‘Die recidiveren minder dan jongere groepen met andere uitgangsdelicten,’ aldus Drieschner. ‘Bovendien kan iemands tbs verlengd worden bij een te hoog ingeschat recidiverisico. Gedetineerden aan het einde van hun straftermijn komen gewoon vrij.’
Niettemin: op ‘beschavingsniveau’ is tbs zeker een succes te noemen. Mensen behandelen die (deels) door een psychische aandoening een delict plegen, met als doel dat ze niet recidiveren en nog een enigszins normaal leven opbouwen, is zeer humaan. Tbs is ook een beschaafde maatschappelijke beveiligingsmaatregel die vergeldings- en behandelperspectief voor veel misdaden met elkaar in balans brengt.
Toch is het zeer voorstelbaar dat rechters bepaalde misdadigers een lange combinatiestraf opleggen. Voor sommigen moet, juist ook uit beschavingsoogpunt, het vergeldingsperspectief veel zwaarder wegen dan het behandelperspectief. Sommige tbs-delicten zijn zo walgelijk – en Axel L., Donny M. en Michael P. zijn daarvan wat mij betreft voorbeelden –, dat je je recht op volwaardige deelname aan de maatschappij hebt verspeeld. Om over de vraag óf ze te behandelen zijn maar te zwijgen.
Wraakzucht is een van de krachtigste menselijke hartstochten, stelde de emotiepsycholoog Nico Frijda (1927-2015) ooit. ‘Het is een “basis-emotie” in die zin dat wraakzucht universeel wordt uitgelokt door een specifieke omstandigheid: het onderworpen zijn aan moedwillig toegebrachte schade die niet gerechtvaardigd wordt geacht, die men niet heeft kunnen afwenden of pareren en die nog steeds materiële repercussies heeft.’ Die basisemotie moet niet worden onderschat, aldus Frijda. ‘Wanneer de krenking reëel is en onaanvaardbaar, is het verlangen naar wraak, de wraakzucht aanvaardbaar. De samenleving zou er goed aan doen dit te erkennen en zou wegen moeten vinden voor het omgaan met het verlangen naar wraak, die verder gaan dan ontkenning of veroordeling van het bestaan ervan.’
De vraag is niet alleen of tbs’ers met een lange combinatiestraf eerder aan hun behandeling mogen beginnen. De – ongemakkelijke – vraag moet ook luiden of in de samenleving genoeg steun is dat álle tbs’ers met zo’n lange combinatiestraf daarvoor in aanmerking kunnen komen.
Meld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.