Logo Joop
De opiniesite van BNNVARA met actueel nieuws en uitgesproken meningen.

Keuzes maken voor het Caribisch onderwijs

Gisteren
leestijd 4 minuten
142 keer bekeken
ANP-403295706

Het lijkt er op dat het kabinet Jetten het Caribisch gebied nadrukkelijk op de agenda heeft staan. Premier Jetten is op dit ogenblik een rondreis aan het maken langs de zes eilanden en laat zich daarmee veel eerder in zijn ambtsperiode zien, op wat we vroeger de Antillen noemden, dan zijn voorgangers.

Er zijn recent twee rapporten verschenen die twee belangrijke thema’s die spelen met betrekking tot Caribisch Nederland belichten. De Nationaal Coördinator tegen Discriminatie en Racisme (NCDR) komt in het rapport Gelijkwaardigheid als Grondwettelijke Opdracht tot de conclusie dat Caribische Nederlanders achtergesteld worden ten opzichte van Europese Nederlanders. De Onderwijsraad heeft het onderwijs op de Caraïbische eilanden Bonaire, Sint Eustatius en Saba geanalyseerd. Deze drie zogenoemde BES eilanden staan sinds 2010 bestuurlijk dichter bij Nederland.

Aanbevelingen
De publicatie Onderwijs in Caribisch Nederland is degelijk, toegankelijk en volledig. Geen enkel aspect lijkt over geslagen. En dat is precies het euvel van dit rapport. De bevindingen, adviezen en aanbevelingen verdrinken in een zee van goede bedoelingen door de wens tot volledigheid. Arme minister van OCW, aan haar zijn veel aanbevelingen gericht, zij mag het politiek-bestuurlijk verder uitzoeken.

En ze hadden vrijwel allemaal ook al een paar decennia geleden opgeschreven kunnen worden, voor 2010. Het is al jaren hetzelfde liedje. De uitval onder Caribische studenten blijft standaard zeer hoog. De schaal van de eilanden (Bonaire ruim 26.000, Saba ruim 2000, Statia 3500 inwoners) zal niet veranderen. De constatering dat ‘door de afgelegen ligging onderwijsorganisaties beperkter toegang hebben tot ondersteuning uit Europees Nederland’, is ook geen nieuw inzicht. Tevens schrijft de raad dat ‘beleidsinspanningen beter moeten aansluiten bij de omstandigheden op de eilanden.’  En ga zo maar door. Sommige conclusies lijken realiteitszin te missen: ‘Het Nederlandse onderwijssysteem is niet goed afgestemd op de situatie op de BES eilanden.’

Aanpak
Het ligt aan de wat klassieke onderzoeksaanpak. Er is getracht alle aspecten, thema’s en afwegingen te vatten in één rapport.

In het overheidsonderzoeksveld is de keuze voor een aanpak die de feitelijkheid overstijgt en spanningen blootlegt steeds meer in zwang. Het gaat dan om de dynamiek die tijdens het onderzoek en erna vaart krijgt, waarbij ongemakkelijke zaken niet blijven hangen of worden genegeerd, maar juist uitgelicht. De uitkomst richt zich op pijnpunten. Niet tweede-ordeproblemen, het ‘hoe’, maar eerste-ordeproblemen, het ‘wat’, staan centraal. Vanwege het permanent problematische karakter van het Caraïbisch onderwijs is het zaak verder te gaan dan de analyse door de diepte in te gaan en de onderstroom onomwonden te benoemen als aanzet voor veranderingen.

Taal
Taal is in dit geval één van de pijnpunten. Het rapport definieert meertaligheid als een ‘uitdaging’. De raad pleit ervoor om doorstroommogelijkheden binnen de Caribische regio en het Koninkrijk te versterken. Dat is spelen op twee verschillende velden en de vraag is of de schaalgrootte dat toelaat. Als een leerling doorstroomt naar Nederland, moet hij of zij goed Nederlands kennen. Dat wordt geëxamineerd. Als de student verder gaat op de Caribische lijn, dan volgt hij de CXC (Caribbean Examinations Council) variant, het systeem van de voormalige Britse eilanden. In het Engels. Nederland is slechts geassocieerd partner binnen CXC en de variant houdt geen rekening met Nederlands vervolgonderwijs (hoewel in Nederland natuurlijk ook veel Engelstalige studies bestaan).

Als voorbeeld de praktijk op Sint Eustatius. Daar is in 2014 het Nederlands als instructietaal in het onderwijs afgeschaft. Hoewel de bestuurlijke structuur sinds 2010 meer op Nederland is georiënteerd, lijkt het sociaal-cultureel sentiment een andere kant dan de Nederlandse op te gaan.  

We zitten met een bijzondere koloniale erfenis. Wij onthielden onze taal aan onze gekoloniseerden, behalve als ze wit waren: het Afrikaans. Dit in tegenstelling tot de Engelsen, de Fransen, de Spanjaarden en de Portugezen die de inwoners van de door hen gekoloniseerde gebieden niet alleen hun macht, maar ook hun woorden oplegden. Zie het taallandschap in de wereld van vandaag.

Weer als voorbeeld Statia. Het eiland is zeventien maal van kolonisator gewisseld en blijkbaar hadden de Britten hun aanwezigheid bij het stuivertje wisselen zodanig laten gelden, dat het Engels een blijvertje werd. En niet het Nederlands, de taal die sommige Statiaanse politici nu oormerken als de taal van de rekolonisator. Wat het Engels overigens ook is.

Alleen bij de overheid telt het Nederlands nog, het is de taal van de wet. Taal is de scheidsrechter in de spagaat van bestuurlijk meer de Nederlandse kant op gaan sinds 2010 en cultureel de Caraïbische. Hoe klein het eiland ook is, taal splitst het raciaal, economisch en sociaal. Dat gegeven is van wezenlijk belang voor de onderwijssituatie. 

Bestuur
Het tweede pijnpunt betreft het bestuur. De lokale bestuurskracht op de eilanden is een factor die het onderwijs beïnvloedt. Van de Europese kant is het bestuurlijk op een andere manier ingewikkeld. Verbazingwekkend veel organisaties bemoeien zich met het Caribische onderwijs. Voor dit traject zijn alleen al dertien ministeries en landelijke overheidsinstanties bevraagd.

Nadrukkelijke keuzes adviseren op basis van de gedegen expertise opgedaan en vertaald in de bevindingen, zou een rapport hebben kunnen opleveren dat daadwerkelijk fundamentele veranderingen initieert. Het brede palet aan adviezen en aanbevelingen zal nu waarschijnlijk een papieren werkelijkheid blijven. De publicatie van de Onderwijsraad had geen resultaat op zichzelf, maar veel meer een middel kunnen zijn.

De eilanden zijn heel klein en bestuurlijk instabiel. Dat dwingt tot een onconventionele aanpak voor verbetering van het Caribische onderwijs. Wellicht dat premier Jetten dat mee krijgt op zijn Carabische rondreis en er ruimte komt voor nieuwe initiatieven.

Dit stuk is mede gebaseerd op een recent onderzoek van de auteur dat is ondersteund door een schrijversbeurs van Literatuur Vlaanderen met het Letterenfonds en de Taalunie.

Delen:

Reacties (0)

Joop

Meld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.

BNNVARA wij zijn voor