Logo Joop
De opiniesite van BNNVARA met actueel nieuws en uitgesproken meningen.

Hoera, Nederland boycot eindelijk producten van illegale Israëlische nederzettingen. Maar wacht even...

Gisteren
leestijd 4 minuten
10089 keer bekeken
ANP-562861553

Dinsdag meldde de NOS het: vanaf 22 september mogen producten uit illegale Israëlische nederzettingen Nederland niet meer in. Geen import, geen doorvoer, geen tussenhandel. Drie jaar lang, in principe.

Op X ontplofte D66 van vreugde. En eerlijk: ik snap het. Ik ben zelf lid van die partij, en dit is een resultaat waar jarenlang voor gelobbyd is. Motie na motie, sinds vorig jaar een Kamermeerderheid, en uiteindelijk een minister die het zwart op wit aan de Kamer stuurt omdat een Europees verbod op onvoldoende steun bleef stuiten. België, Spanje en Ierland gingen ons voor. Nederland volgt.

Dat mag gezegd worden. Dat verdient een compliment.

Maar ik wil ook eerlijk zijn over waar dat compliment vandaan komt. Want dit resultaat is niet geboekt door een kabinet van dromers. Het is geboekt in een kabinet mét de VVD. Met op de voorgrond Dilan Yeşilgöz, die inmiddels niet meer alleen VVD-leider is maar sinds eind februari ook minister van Defensie en vicepremier. En met op de voorgrond Ulysse Ellian, Kamerlid dat vorig jaar zomer nog op excursie ging langs Israëls noordgrens via een reis georganiseerd door CIDI, en die in augustus cadeaus in ontvangst nam van de Knesset.

Twee mensen die openlijk, voortdurend, alles wat de staat Israël doet goedpraten.

En op de achtergrond twee anderen. Afshin Ellian, hoogleraar in Leiden en de vader van Ulysse, die Israël wel eens omschreef als het enige land ter wereld dat Joden kan en moet beschermen. En Uri Rosenthal, minister van Buitenlandse Zaken onder Rutte I, in de jaren dat Wilders zijn gedoogsteun gaf. Rosenthal noemt zichzelf gewoon vriend van Israël. Zijn retoriek liep destijds gewoon parallel aan die van CIDI.

Dát is het gezelschap waarin D66 dit verbod heeft binnengehaald. Knap. En tegelijk: veelzeggend.

Want kijk eens mee naar wat er ondertussen gebeurt met de rest van de handel tussen Nederland en Israël. Niet de nederzettingen. Israël zelf.

In de jaren van Rosenthal, 2010 tot 2013, was Nederlands wapenexportbeleid richting Israël nog restrictief. Militaire export: verwaarloosbaar, ergens rond het miljoentje per jaar. Rutte noemde het beleid zelf nog "restrictief", tot ver in 2021.

En toen kwam 2022. Rutte IV brak met die terughoudendheid: de militaire export naar Israël schoot naar zo'n tien miljoen euro, tien keer het niveau van daarvoor. Niet toevallig het jaar waarin het Nederlandse defensiebudget zijn grote sprong maakte, van nog geen acht miljard in 2014 naar 21,4 miljard in 2024. Bijna een verdrievoudiging.

Daarna ging het snel. 2023: gemiddeld twaalf miljoen aan militaire export naar Israël, en zelfs na 7 oktober bleef Nederland vergunningen afgeven, onder meer voor onderdelen van Iron Dome. 2024: de Nederlandse invoer van militaire goederen uit Israël explodeert van drie ton naar 31 miljoen euro. Ruim honderd keer zoveel. En de defensie-inkoop bij Israëlische leveranciers, los van de douanecijfers, stijgt van 355 naar 556 miljoen euro. Het vergunde bedrag verdrievoudigt zelfs naar 643 miljoen.

En de minister die nu over dat groeiende deel van de begroting gaat? Yeşilgöz. Dezelfde die vandaag meevierde dat er een verbod komt op wijn en tomaten uit de nederzettingen.

Ik noem het geen toeval. Ik noem het twee sporen die bewust gescheiden worden gehouden. Mensenrechtenbeleid hier, defensiebehoefte daar, en de tweede lijn groeit veel harder dan de eerste ooit geraakt zal worden.

Zet het naast elkaar. De totale Nederlandse import uit Israël bedroeg in 2024 zo'n 2,4 miljard euro aan goederen. Nederzettingsproducten, vooral landbouw, wijn, cosmetica en bouwmaterialen, vormen daarvan een fractie. Het verbod van 22 september raakt dus niet Israël. Het raakt een piepklein hoekje van de handel, terwijl de Raad van State zelf al waarschuwt dat nederzettingsgoederen in de praktijk amper te onderscheiden zijn van gewone Israëlische producten. Handhaven wordt dus al lastig op wat er wél onder valt.

En terwijl Nederland dit smalle instrument aankondigt, meldt Israël zelf voor 2025 een recordbedrag aan wapenexport: bijna 19 miljard dollar, het vijfde jaar op rij een stijging, meer dan verdubbeld in vijf jaar tijd. Europa is met 36 procent de grootste afnemer. Nederland zit daar gewoon bij.

Dit alles terwijl Israël op dit moment oorlogsmisdaden pleegt, in Gaza en op de Westelijke Jordaanoever. Dat is geen mening, dat volgt uit wat internationale gerechtshoven en mensenrechtenorganisaties al geruime tijd vaststellen. En precies in die periode groeit de Nederlandse defensierelatie met Israël harder dan ooit.

Dus ja. Ik gun D66 het applaus voor 22 september. Ik gun mezelf ook de blijdschap, heel even.

Maar ik kan het niet vieren zonder de rekening erbij te leggen. Een verbod dat niemand in zijn portemonnee gaat voelen, gevierd door een minister die zelf de facturen tekent voor het deel dat wél blijft groeien. Dat is geen overwinning op de relatie met Israël. Dat is een pleister op de vinger, terwijl de arm eraf bloedt.

Ik ben blij met 22 september. Cynisch word ik van het feestje.

Delen:

Reacties (0)

Joop

Meld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.

Je kunt je op elk moment uitschrijven. Bekijk of beheer hier alle nieuwsbrieven.

Wil je meer weten over de manier waarop wij met jouw gegevens omgaan? Lees dan ons Privacy statement.

BNNVARA wij zijn voor