
Ik begeleid een moeder met een aantal kinderen. De vader verdween onverwachts, precies op het moment dat de kinderen hem zo hard nodig hadden. De oudste stond bij de poort van puberteit. Anderen achteraan, in dezelfde rij. Met een verschil van geboortejaar van 1 tot en met 3.
Deze vader werd plots begraven. De moeder bleef dus alleen achter. Ik begeleid ook vaders en moeders die ten tijde van het lopende ouderschap een andere koers inslaan dan de dood. Deze ouders hoeven het bed en de lakens opeens niet meer met elkaar te delen en besluiten om dat bed en die lakens los van elkaar op te maken. Het kind, of de kinderen... zij snappen er niks van. Dat het nu anders moet. "Hoezo? En ik dan?"
Het kind heeft beide ouders net zo lief, en net zo hard nodig. Ongeacht of papa of mama het huis en het haard verlaten, door plotselinge dood of dat mama en/of papa besluiten om hun levens voortaan anders te gaan inrichten. Hoe dan ook en in (w)elke voor een kind onvoorspelbare situatie, is het kind de dupe.
In sommige gevallen, zoals in deze van "mijn moeder", komt de Jeugdhulp om de hoek kijken. Deze moeder redt het niet alleen. Zij werkt (in de zorg), maar komt amper tot niet rond met haar salaris. Haar inkomsten worden vanuit de bijstand aangevuld tot een bepaalde hoogte, of beter gezegd tot een bepaalde laagte. Een laagte die alsnog de armoede blijft heten.
Ik herinner me een tentamen en een klasgenoot die hoorde dat hij een 1 kreeg.
"Maar juf, waarom 1?"
"Sorry, het kon niet lager!"
(In Joegoslavië waren onze cijfers van 1 tot en met 5.)
Deze moeder "van mij" en haar kinderen moeten het dus zien te overleven op het laagste niveau. Als onze rechts georiënteerde of gewoon onverschillige medeburgers die de juf uit mijn klas waren, dan zou het nog lager hebben gekund: "Doe het zelf. Het is je eigen verantwoordelijkheid!"
Die "moeder van mij" is een trotse, slimme vrouw. Zij had veel pech in haar leven en is desondanks scherp en krachtig gebleven. Vertrouwen in de mensheid is ze kwijt. Mede dankzij onze rechts georiënteerde of onverschillige medeburgers die haar zogenaamd kwamen helpen vanuit (o.a.) een rol waarvoor zij een salaris/vergoeding kregen maar geen gevoel voor de menselijkheid hebben ontwikkeld. Een hulp- en zorgverlener of de hoogste zorgbazen zijn blijkbaar niet per se onvoorwaardelijke medemensen. Vooral in de woestijn van ons zorg- en hulpverleningsstelsel, waar de marktwerking de boventoon voert, opereren vele handige zorgcowboys die van hulpbehoevenden fors profiteren. Onze politiek laat het toe en faciliteert het ook nog. Lijntjes tussen de zorgcowboys en de politiek zijn kort en lucratief. In dit land lijkt het dat wij mensen helpen omdat wij daar rijk van kunnen worden. Of dat wij daarvan ten minste een mooi salaris van overhouden, en vakanties, en dure auto's en (bak)fietsen, en lekker (gezond) eten, mooie, nieuwe kleren en kapsels, lange neppe nagels, en noem het maar op.
De zorg voor een ander en voor elkaar heeft al lang een omgekeerde betekenis gekregen. Dankzij de VVD en soortverwanten. Wij helpen anderen om onszelf, en niet om hen. Zo heeft de marktwerking in de zorg het mooi voor elkaar gekregen dat de hulp aan hulpbehoevende medemensen veel kansen biedt voor verrijking. Geld is leidend en bepalend. Grootverdieners sturen de kleine aan en de kleine verdieners houden de grote aan de macht. Omdat zij ook van een loon moeten leven. En zo draaien wij in een cirkel rond. In mijn ogen een foute cirkel, die per gisteren doorgebroken moet worden. "Maar wie durft?"
Die "moeder van mij" zal altijd arm blijven en haar kinderen waarschijnlijk ook. Verlamd door het lot dat hen overkomt zullen zij het moeten doen met de riemen en de ellende die zij hebben. Wachtend op een engel die oprecht wil helpen. Als professional of informeel. En die kwam. En die kwamen, echt!
Er zijn in dit/ons land nog zo vele goede en oprechte mensliefhebbers. Ik zocht hulp voor "mijn moeder" en gauw vond ik het. Ik zocht ondersteuning voor de armoedige kinderlevens van haar nest, en ik vond het. Binnen en buiten het systeem om dat wordt gerund door onze harde en/of onverschillige politiek en lobbyisten. Deze zijn hard ja, keihard hard. Het gaat het ze om het geld en niet om de mens, en om de kinderen evenmin. Hoewel elk kind in een nare, onvoorspelbare situatie juist geholpen kan worden door een derde... Die helpen wil.
Enne. Wat wil ik zeggen? Via de "moeder van mij" is een hele mooie wereld voor mij komen schijnen als een zon. Keer op keer laten onze verkiezingen ons denken dat wij hard en nog harder zijn en niet humaan en niet sociaal. Maar in werkelijkheid lopen er vele engelen rond. Gaan deze nooit stemmen? Mogelijk omdat ze in de politiek het vertrouwen kwijt zijn? En denken de engelen mogelijk dan: "Ik doe het zelf wel. Fuck de poppenkast van de politiek."
Ik weet het niet. Wel merk ik dat er een groot gat gaapt tussen de mensen die engelen zijn en de mensen die het pak van hyena's graag dragen. Mijn indruk is dat er minder hyena's zijn dan engelen. En wel dat hyena's veel geld hebben, waarmee zij macht over ons (vooralsnog) met succes weten te (over) kopen. Voor hoe lang nog?
Meld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.