Logo Joop
De opiniesite van BNNVARA met actueel nieuws en uitgesproken meningen.

Halsema vraagt op 4 mei aandacht voor vrouwen in oorlogstijd: 'Waar autoritarisme oprukt, worden vrouwen het eerst beperkt'

Vandaag
leestijd 4 minuten
496 keer bekeken
ANP-548486336

De Amsterdamse burgemeester Femke Halsema opende maandagavond de stille tocht op het Museumplein in de hoofdstad met een toespraak die geweld tegen vrouwen in oorlog centraal stelde. Ze deed dat mede naar aanleiding van het overlijden van Edith Eger, de Hongaars-Amerikaanse psycholoog en Auschwitz-overlevende die vorige week op 98-jarige leeftijd overleed. Als 15-jarig meisje moest Eger dansen voor oorlogsmisdadiger Josef Mengele op de avond dat haar moeder in de gaskamers stierf. Halsema haalde haar bekendste uitspraak aan als leidend motief van de herdenking: "Als ik vandaag overleef, dan zal ik morgen vrij zijn."

Daarbij trok Halsema een expliciete verbinding tussen de verschrikkingen van de Holocaust en hedendaags geweld tegen vrouwen. Ze noemde Iran, Afghanistan, Soedan en Congo bij naam, en stelde dat het vrouwenlichaam al eeuwenlang als "strijdtoneel" wordt behandeld. "Waar autoritarisme oprukt, worden vrouwen het eerst beperkt," zei ze.

Volledige tekst toespraak burgemeester Halsema, 4 mei 2026:

Geachte aanwezigen,

Vorige week overleed Edith Eger: de ballerina van Auschwitz, die later als psycholoog wereldberoemd werd door het boek 'The Choice'.

Daarin beschrijft zij aangrijpend hoe zij de Holocaust overleefde.

Bij haar aankomst in Auschwitz werd zij als 15-jarig meisje door oorlogsmisdadiger en nazi-arts Josef Mengele gescheiden van haar moeder die onmiddellijk naar de gaskamers werd gestuurd en daar stierf. Op de avond van haar moeders dood moest zij in haar barak dansen voor Mengele. In ruil kreeg ze brood, dat ze deelde met haar zus Magda en andere meisjes.

Toen zij later tijdens een dodenmars naar concentratiekamp Gunskirchen van uitputting in elkaar stortte, werd ze herkend door één van de meisjes met wie ze haar brood had gedeeld. Die droeg haar samen met haar zus Magda verder.

Eger heeft in haar leven vaak gewezen op het geweld tegen vrouwen, alsook op hun veerkracht om te overleven, om hun kinderen en hun families te beschermen en om zich te verzetten tegen onrecht.

Lang heeft geweld tegen vrouwen in situaties van oorlog en conflict weinig aandacht gekregen. Dat is onterecht. Systematische verkrachting en vernedering, gedwongen sterilisaties en abortussen: ze vonden plaats tijdens de Holocaust en in talloze conflicten daarvoor en daarna. Tijdens de Holocaust werden vooral Joodse vrouwen slachtoffer van medische experimenten waarna ze naar de gaskamers werden gezonden.

Al eeuwenlang wordt het vrouwenlichaam, de seksualiteit van vrouwen en het vermogen om kinderen te krijgen, behandeld als een strijdtoneel. Dat gold in de Tweede Wereldoorlog, dat geldt nu in Iran waar vrouwen worden vermoord als zij hun haar laten zien. In Afghanistan waar het vrouwen wordt ontzegd om te leren of zelfs maar te praten op straat. In Soedan en in Congo waar vrouwen op grote schaal worden verkracht.

Twee maanden geleden – op internationale vrouwendag - vertelde de Oekraïnse Nobelprijswinnares Oleksandra Matviichuk hier in Amsterdam over de rol die vrouwen spelen in de oorlog in haar thuisland. Ook daar worden vrouwen verkracht en vernederd. Maar zij benadrukte juist ook de andere kant, zoals die er ook was tijdens de Tweede Wereldoorlog.

In een oorlog staan vrouwen nooit aan de zijlijn. Zij staan vooraan, aan het front.

Als soldaat, als arts, als journalist, als moeder, als verdedigers van vrijheid in de breedste zin van het woord. En in Nederland waren vrouwen vaak de spil van het verzet.

Het vernederen en vermoorden van vrouwen onthult een diepere waarheid over elke samenleving, in oorlogs- en in vredestijd. Waar autoritarisme oprukt, worden vrouwen het eerst beperkt. Waar geweld het gesprek overneemt, horen vrouwen altijd bij de eerste slachtoffers. En het omgekeerde is ook waar. Waar vrouwen opstaan, hun lot zelf kunnen bepalen en zich kunnen ontwikkelen, daar leeft de vrijheid.

Hier vlakbij op dit veld herinnert het monument 'de vrouwen van Ravensbruck' aan de vele vrouwen die in dit concentratiekamp hebben geleden en waarvan er velen werden vermoord.

Onder hen was er ook een groep jonge Poolse vrouwen. Zij noemden zichzelf spottend de 'de proefkonijnen'. Er werden medische experimenten op hen uitgevoerd.

Hun lichamen werden doelbewust beschadigd. En toch hielden zij elkaar overeind.

Ze zorgden voor elkaar, deelden wat ze hadden, en weigerden hun menselijke waardigheid te verliezen. Hun verzet was soms klein, bijna onzichtbaar. Maar het was krachtig.

Zij hielden de hoop in leven. Zoals Edith Eger ooit zei: 'Hoop is de meest gedurfde verbeeldingsdaad.'

Voor deze Poolse vrouwen, voor al die vrouwen tijdens de holocaust, voor alle vrouwen in Iran, in Afghanistan en andere onheilsplekken op de wereld – voor alle mensen die worden onderdrukt en gepijnigd - hoop ik dat ze de boodschap horen die Edith Eger in leven hield en die zij haar hele leven koesterde: 'als ik vandaag overleef, dan zal ik morgen vrij zijn.'

Dankuwel.

Delen:

Reacties (0)

Joop

Meld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.

BNNVARA wij zijn voor