* BNNVARA - Hoe het hospice van mijn moeder mijn leven heeft veranderd

Hoe het hospice van mijn moeder mijn leven heeft veranderd

leestijd 4 minuten
Hoe het hospice van mijn moeder mijn leven heeft veranderd

Precies 6 jaar geleden overleed mijn moeder. Ook al weet ik nog maar vlagen uit deze periode, want het sloeg in als een bom, één ding herinnerde ik me net zo goed als de laatste blik in haar ogen. Namelijk haar laatste dagen die ze doorbracht in het hospice. Elke vrije minuut spendeerde ik naast haar. En wie er voor mij zorgde? De vrijwilligers in het hospice. 

Niet gek als je niet gelijk weet wat een hospice is. Ik wist zelf niet eens wat een hospice was tot de dag dat mijn moeder op deze plek stierf. Noem het mijn eigen naïviteit of het feit dat mijn ouders me wilden beschermen tegen het verdriet, maar ik was ervan overtuigd dat ze ooit weer thuis zou komen. Maar het hospice, een plek waar terminale mensen in rust dood kunnen gaan, bleek haar laatste thuis. Gek genoeg voelde ik me in de weken dat ik daar rondliep nog nooit zo ergens welkom als in mijn eigen huis. Dat is wat het hospice voor mij - iemand de ándere kant van vrijwilligerswerk heeft mogen meemaken - betekent.

Dat valt allemaal te danken aan de tweede familie die ik erbij kreeg: de vrijwilligers. Na zes jaar besloot ik deze week om terug te gaan naar het hospice. Als een verloren student die na maanden feesten in de grote stad, weer even thuiskomt bij moeders voor een warme hap en schone was. Maar mijn moeder lag er natuurlijk niet meer. De deur naar de kamer waar ze in lag, bleef de hele dag potdicht. Iets met symboliek met de deur naar het verleden. En de deur naar het keukentje waar de vrijwilligers mij opwachten met koffie dan? Die stond wagenwijd open. Precies zoals ik het ooit had achtergelaten.

Van tijd tekort naar de laatste minuten

De plek is helemaal niks veranderd en daardoor merk ik des te meer hoe erg ikzelf juist veranderd ben. Ook hoe de wereld om me heen in al die jaren is veranderd. Ik word geleefd door volle agenda’s, vriendschappen hangen van burn-outs aan elkaar en als je vraagt hoe het met iemand gaat is het antwoord steevast: ‘ja, druk’. Waar het nooit druk is, is het hospice. Want tijd is hier juist het enige dat nog van waarde is voor de bewoners. Dus die verspillen aan dingen die je tijd niet echt waard zijn? Dat is hier niet aan de orde. Wie de bewoners waren voordat ze hier kwamen, doet er niet meer toe. Van je tijd heel bewust genieten, al is het zwijgend boven je thee hangen aan de keukentafel, is dan het enige dat belangrijk is.

“Alle maskers vallen hier af. Daardoor zie je hier mensen hoe ze in de puurste vorm zijn. Er is geen tijd om nog de schijn op te houden, hier kunnen mensen dat allemaal loslaten “

Het leven in het hospice is een minikosmos. Alles wat je thuis doet – van plotselinge goede gesprekken tussen het vloeren dweilen door - gebeurt hier ook. Maar alles komt wel drie keer harder binnen. Hoe speciaal de normale, dagelijkse dingen kunnen zijn, besef je pas als je in een hospice bent. Een reality check die menig generatiegenootje wel kan gebruiken en die ik van heel dichtbij heb ervaren.

Al betekent dat van het ‘harder binnenkomen’ overigens niet dat hier elke minuut wordt gehuild. Er is ruimte voor die traan, maar ook een grijns. Want als je bijna doodgaat, ga je alle grappige dingen ook veel meer waarderen. Even lachen voor de ontlading.

“In het hospice wordt juíst geleefd. Op deze plek ben je meer mens dan je ooit zult zijn, omdat niks anders er nog toe doet.”

Doodnormaal en toch bijzonder

Vrijwilligerswerk in zijn puurste vorm, dat is wat werken in het hospice is. Doordat het normale leven hier zo wordt nagebootst, wordt juist duidelijk hoe speciaal het werk is. De sfeer in het huis is niet beladen of zwaarmoedig, maar juist heel licht. Mensen zijn hier – op een enkeling na - niet bang om dood te gaan, maar zijn eerder bang voor de schaamte. Schaamte voor wie ze écht zijn als alle opschmuk wegvalt. Alleen in het begin dan, want als ze hieraan toegeven, is er ruimte om ze als vrijwilliger beter te leren kennen.

Ik bent ontzettend dankbaar voor mijn hospicefamilie en de tijd die ik met ze had. Ik zal niet zeggen dat ik dankbaar ben voor het overlijden van mijn moeder, maar haar aankomende dood maakte niet alleen van haar een ander mens, maar ook van mij. Voor haar betekende het dat de schaamte die ze ooit voelde, wegviel bij elke helpende hand die haar door de laatste dagen heen trok. Voor mij betekende het dat ik sindsdien nergens meer bang voor ben. Het ergste is mij overkomen en zelfs dit heb ik overleefd.

Ik ben ook dankbaar dat ik niet zelf op het randje van de dood heb hoeven staan om te beseffen dat ik me niet meer hoef te schamen voor wie ik echt ben. Ik zal nooit iemand zo’n heftige ervaring gunnen, maar het heeft mijn ogen geopend nog voor ik ze voorgoed hoef te sluiten. En daar hebben de vrijwilligers in het hospice ook zeker aan bijgedragen. Door samen met mij te zwijgen boven het kopje thee, van de tijd te genieten die ik nog met mama had.