* BNNVARA - De basisschoolleraar is een ondergewaardeerde superheld
Word lid

De basisschoolleraar is een ondergewaardeerde superheld

leestijd 26 minuten
De basisschoolleraar is een ondergewaardeerde superheld

Het salaris van leraren die van de Pabo komen is onder dat van andere hbo’ers komen te liggen, het aanzien van een basisschool-onderwijzer heeft de afgelopen tijd een significante daling doorgemaakt en een gigantisch percentage mannen stopt voortijdig met de opleiding. Slechts 13 procent van de leraren is momenteel man. En oh ja - in 2025 loopt het lerarentekort naar verwachting op tot tienduizend. Genoeg redenen voor de gehele onderwijsbranche om vrijdag 15 maart te staken.

Deze feiten zouden ook reden genoeg moeten zijn voor de rest van Nederland om wakker te worden. We laten de basisschoolleraar namelijk al veel te lang in zijn hemd staan. Er is natuurlijk niemand die de complexiteit van bovenstaande problemen beter kan duiden dan de basisschoolleraar zelf. Daarom vroegen we zes docenten naar de huidige staat van het basisonderwijs – en waarom er op 15 maart gestaakt wordt.   

Onderaan dit artikel vind je meer informatie over de staking op 15 maart.

Niels (31), staat sinds 2012 voor de klas en studeerde af aan de Pabo in Almere 

Waarom ben je leraar geworden?

Ik gaf al een tijdje training bij mijn voetbalclub. Daarnaast had ik na de havo, afgezien van ‘een beetje reizen’, geen idee wat ik precies wilde doen. De trainingsleider bij mijn club stelde voor om uit te zoeken of de Pabo wellicht wat voor mij was, omdat ik kennelijk gevoel had voor lesgeven aan een groep. Toen heb ik me ingeschreven, twee dagen voor de deadline.

“Ik had mijn vraagtekens bij de inhoud van de opleiding. Ik moest op blokfluitles.”

Hoe heb je de Pabo ervaren?

Het was niet echt top. Ik ben zelf niet gedisciplineerd in het werken met eindeloze portfolio’s of wagonladingen aan reflectieverslagen. De stages vond ik leuk, maar ik had mijn vraagtekens bij de inhoud van de opleiding. Blokfluitles, bijvoorbeeld. Dat moet je mij niet laten doen. Voor het halen van mijn blokfluitdiploma heb ik uiteindelijk No Woman, No Cry gespeeld. Daar is nog serieus een discussie door is losgebarsten binnen de vakgroep. Ik heb de blokfluit meteen weggegooid. Geef mij een gitaar. Dan kan je met de kinderen samen zingen, aangezien je een gitaar niet in je mond hoeft te stoppen. En het ziet er toch wat stoerder uit.

Hoe ervaar je het lesgeven nu?

Ik vind het tof om te zien hoe analytisch en grappig kinderen soms kijken naar de wereld. Een paar weken geleden heb ik mijn klas bijvoorbeeld verteld over dino’s. Ergens in dat verhaal heb ik een plaatje van een meteoriet laten zien. Een van de kids heeft vervolgens thuis verteld over hoe een gigantische aardappel de aarde heeft verpletterd. Een van de andere kinderen vroeg zich af of we het allemaal wel zeker wisten, met die meteorieten. Zijn klasgenootje kwam met het idee om alle stenen in de ruimte te tellen en vervolgens te kijken of we er een missen. Dat is toch top! Van dat soort inzichten word ik gelukkig. Ik houd ze allemaal bij.

Wat is de grootste misvatting over het zijn van basisschoolleraar?

Je hebt er twee die continu terugkomen. Misvatting één is dat we om half 4 naar huis kunnen. Was het maar zo’n feest. Verder is het ook zo dat het helemaal niet zo is dat kleuters alleen maar bezig zijn met blokken stapelen en in hun broek plassen. Die kinderen kunnen en weten een stuk meer dan menigeen denkt.

Hoe zit het met de werkdruk?

Ik zelf heb momenteel een kleine klas, maar ik ga uit solidariteit staken voor de mensen die over 35 leerlingen adviesgesprekken moeten voeren. Je hoort nu al verhalen over scholen die kinderen naar huis moeten sturen. Dat probleem wordt erger, want die werkdruk is er wel degelijk. Denk aan het leerling-volgsysteem. Je moet als leraar iedere leerling individueel in de gaten houden op veel verschillende punten, vanaf de kleuterklas. Dat gaat van rekenen, tot concentratie en sociale vaardigheden. Het idee is dat je een totaalbeeld hebt van iedereen in de klas. Ouders verwachten dat ook en dat vind ik terecht. Het hoort bij het werk. Je moet je uitspraken en acties kunnen beargumenteren op basis van harde feiten. Uit dat proces volgt uiteraard druk.

Ervaar je de consequenties van het lerarentekort?

Hier valt het mee. Wij hebben de formatie net rond. Toch is het wel zo dat we een probleem hebben als er iemand ziek is. Dan komt het wel eens voor dat er een stagiair of een conciërge voor de klas wordt gezet, om de groep op te vangen.

Het beroep leraar in het basisonderwijs is afgelopen jaren gedaald, qua imago.

Ja, de Pabo had natuurlijk al de reputatie van de ‘knip en plak academie’ en dingen als blokfluitlessen doen het imago ook niet veel goeds. Maar ik denk dat het probleem ook ligt bij het feit dat mensen basisonderwijs ervaren als iets vanzelfsprekends. Voor mijn gevoel hebben mensen vaak iets van: ‘Zo’n kleutergroep, het zal wel, wat doe je daar nou eigenlijk’. Ten onrechte. Groep 3 is ook een van de belangrijkste jaren, maar niet iedereen weet dat. Het gaat dus mis bij de PR-strategie van het basisonderwijs. De basis van alles wat je leert wordt hier gelegd. Het is niet zo vanzelfsprekend, allemaal.

Sander Dekker zei laatst dat 30 pubers qua lesgeven moeilijker zijn dan 30 kleuters, en dat helpt natuurlijk niet. Er zijn een hoop mensen die ervan uitgaan dat zo iemand gelijk heeft,terwijl de waarheid ergens in het midden ligt. Ik zou hem wel een week lang een groep kleuters willen zien lesgeven en kijken hoe hij er na die week over denkt.

En het salaris?

Zelf ben ik gelukkig niet heel materialistisch ingesteld, maar het is wel absoluut terecht dat ervoor wordt gestaakt. De hoeveelheid werk staat niet gelijk aan de hoogte van het salaris. Leraren van mijn leeftijd verdienen ongeveer 2000 euro. Ik werk fulltime en ik kan niet kopen in mijn eigen stad. Als je meer leraren wil aantrekken, dan moet je meer geld neerleggen. Klaar. Dat is, helaas, wel de beste manier om het werk aantrekkelijker te maken.

Hoe ziet de toekomst eruit, Niels?

Ik zie het positief in. Ik vraag mezelf vaak af hoe ik invloed kan uitoefenen vanuit mijn positie. Ik zit daarom in een denktank bij het ministerie. Daarnaast ben ik lid van een groep Amsterdamse meesters, Mokum Meestert. Ik ken overigens ook ongeveer alle basisschoolmeesters in Amsterdam. Ook wel weer pijnlijk, ergens. We zijn niet met een gigantische groep.

Zou je opnieuw basisschoolleraar worden?

Ja. Ik kan me mijn leerkracht uit groep zes nog herinneren. Ik wil die leraar zijn. Die leraar waar ze over tien of twintig jaar nog aan terug denken. Je krijgt je beloning hier niet in de vorm van een riant salaris en een huis in het centrum van Amsterdam. Maar ik wil uiteindelijk ergens op de markt door een grote kerel met een baard worden aangesproken, waarna het blijkt dat hij twintig jaar geleden bij mij in de klas heeft gezeten. Dan is het het allemaal waard, voor mij. Gewoon wat achterlaten bij die kinderen en herinnerd worden als een vrolijke gast en een goede leerkracht. Ik zou nooit voor het dubbele salaris op een bureaustoel de hele dag grafiekjes gaan invullen.

Roosmarijn (39), studeerde af in 2002 en geeft les aan de middenbouw op het Montessori in Hoofddorp

Hoi Roosmarijn! Zou jij zestien jaar geleden hebben besloten leraar te worden, als je kennis had gehad van de huidige situatie?

Wat betreft het tekort wel, maar als je het over werkdruk hebt is het wel iets anders. Die is gigantisch geworden. Er wordt veel meer gelet op resultaten, inspecties zitten overal bovenop. Alles wat nieuw is, kost tijd om te implementeren. Daar horen weer studiedagen bij, want het kost tijd en energie om je ergens in te verdiepen. Het is natuurlijk belangrijk dat alles op orde is, maar het is wel veel werk. En als je werk nooit af is, en je in je vrije uren nog van alles moet doen, gaat dat op een gegeven moment wel tegenstaan.

Zijn dat dan ook de grootste nadelen?

Ja. Het werk gaat altijd door, en je wil het ook gewoon goed afronden.

Wat vindt je het leukste aan je beroep?

Je eigen klas hebben en contact opbouwen met de kinderen. Je hebt ze bij ons ook drie jaar, dus je bouwt wel echt wat op. Verder vind ik het leuk dat je takenpakket afwisselend is - je geeft alle vakken, van knutselen tot rekenen en taal of sociale vaardigheden.

Denk je wel dat een hoger salaris een oplossing zou vormen voor het tekort?

Ja, het maakt het zeker aantrekkelijker. Je moet wel gewoon je rekeningen kunnen betalen. Voor mensen is salaris dan wel een belangrijke overweging die je maakt. Maar ik zit hier zelf niet voor het geld.

Is het belangrijk om meer mannen naar het onderwijs te trekken?

Zeker voor de diversiteit, en ook voor innovatie. Op een andere vestiging zie ik veel jonge mannen - die doen allerlei projectjes met ICT en leuke quizzen met mobieltjes in de klas. Maar toen ik studeerde liep ik stage met een jongen die meteen een baan aangeboden kreeg, terwijl hij lang niet altijd z’n werk op orde had. Het is belangrijk dat er mannen in het onderwijs zitten, maar het moet wel om kwaliteit gaan, en niet alleen maar omdat het ‘een man is’. En hoe die mannen er gaan komen? Ik weet het niet. De Pabo was ook een beetje een tuttige studie. Misschien als de opleiding wat spannender wordt, en er meer wordt geïnnoveerd. Meer techniek in het onderwijs, bijvoorbeeld. Een beetje uit het knutsel-circuit komen.

“Als het tekort blijft oplopen hebben alle leraren straks een burn-out.”

Is er een manier waarop de werkdruk omlaag kan?

Doe ons maar een paar studiedagen met niks, zodat je de boel even op orde kan krijgen. Er is altijd weer iets anders wat op de agenda komt of wat nog gedaan of besproken moet worden.

Ervaar je die druk ook uit andere hoeken?

Toen ik nog een bovenbouw onder mijn hoede had, merkte je wel dat ouders ook graag wel bepaalde adviezen wilde zien bij hun kind. Bij de middenbouw verloopt dat wat relaxter. Maar ouders zijn tegenwoordig wel heel erg goed op de hoogte. Ze willen de hoogst mogelijke uitslag halen. En je kan ook alles op het internet opzoeken. Wij hadden bijvoorbeeld laatst een slechte Google recensie. Wat moet je dan doen?

Hoe erg zijn we de pineut als het tekort blijft oplopen?

Dan zouden kinderen bijvoorbeeld vier dagen in de week naar school moeten. Ik krijg nu mijn lessen al niet in de vijf dagen gepropt, dus dat kan helemaal niet. Je doet dan echt de kinderen tekort - of je moet alle creatieve vakken schrappen. De leraren die er wél zijn gaan dan ook allemaal de burn-out in. Het kan gewoon niet. Ik heb veel mensen uit het onderwijs zien stappen omdat het ze teveel werd. Mensen die zelf jonge kinderen hebben willen niet meer 300% werken - je bent thuis ook gewoon nodig.

Hoe heeft het zover kunnen komen? Wat is er fout gegaan?

Er is onder andere vanuit de politiek te weinig aandacht geweest voor het onderwijs. Ik denk dat de hele maatschappij verzakelijkt is. Als je vroeger iemand in de familie had die in het onderwijs zat, keek je daar enorm tegenop. En nu.. Er wordt ook door ouders niet echt meer tegenop gekeken. Daarnaast heerst nu ook het idee: ben je niet tevreden met je beroep, dan ga je toch wat anders doen? Vroeger koos je voor een beroep en ging je dat de rest van je leven doen. Nu moet je niet zeuren en gewoon voor iets anders gaan als je dit niet meer leuk vindt.

Ga je de 15e staken?

Toevallig ben ik op vrijdag altijd vrij, maar mijn kinderen ook. Ik sta wel achter de staking. Mijn school gaat die dag wel dicht, en er gaat een hele groep naar het Malieveld. We hebben een fijn team en we werken keihard, maar zelfs ondanks onze inzet is het eigenlijk niet te doen met de werkdruk. Hoe kunnen we eigenlijk nog meer doen nu? Wat kunnen wij nu nog veranderen?

Arthur (45) werkt sinds 2015 als invaller in het basisonderwijs

Hoi Arthur. Zeg, hoe ben jij in het vak terecht gekomen?

Ik heb eerst heel lang als ICT-specialist gewerkt bij een bank. Hier zat ik uiteindelijk alleen nog maar achter een scherm, en daar vond ik niks aan. Toen mijn kinderen naar de basisschool gingen heb ik daar veel op school geholpen. In 2011 besloot ik de Pabo te gaan doen, en in 2015 ben ik geslaagd. Sindsdien ben ik aan het werk als leraar. 

Zou je nog leraar zijn geworden als je wist hoe de situatie eruit zou komen te zien?

Ik weet het niet. Ik heb geen spijt van mijn beslissing, maar het tekort maakt het voor mij wel heel lastig. Omdat ik aan de slag ga als invaller beland ik niet altijd op de juiste school. Scholen zijn namelijk vooral blij dat er iemand beschikbaar is. Wie dat dan is, maakt niet zoveel uit. Mijn auto heb ik weggedaan toen ik begon met lesgeven. Als ICT’er verdiende ik twee keer zo veel, ik moest echt mijn levensstijl aanpassen. 

Hoeveel verdiende je dan eigenlijk?

Ik verdiende als beginnend leraar 1400 euro netto per maand. Ik werkte parttime.

Zie je dat salaris als een groot nadeel?

Voor mij persoonlijk niet. Ik zie het zo: zolang het genoeg is, is het goed. Ik wil genoeg hebben om van te leven en m’n pensioen op te bouwen. Meer heb ik niet nodig. 

Wel denk ik dat een beter salaris deels een oplossing vormt voor veel anderen. Zo zie ik toch ook vaak in de samenleving dat mannen graag voor een goed inkomen willen zorgen. Ze willen voor hun gezin kunnen zorgen. Voor mij is dat anders – mijn vrouw en ik brengen beiden net zoveel in, dat is onze afspraak.

Merk je dat er een tekort aan mannen is, in jouw beroep?

Ja, en het is een probleem. Het is veel beter voor kinderen als leraren meer een evenbeeld vormen van de samenleving, en dat is momenteel niet zo. Daarnaast pakken mannen en vrouwen het lesgeven anders aan – vrouwen (niet allemaal natuurlijk) vinden rust en regelmaat vaak belangrijk in een klas, en mannen vinden het leuk om erop uit te gaan met een groep. Er zou een balans in moeten zijn. Maar sociale functies worden helaas vaak nog gezien als iets typisch vrouwelijk. 

In het verleden is gekeken of er meer mannen naar het onderwijs konden worden getrokken door bijvoorbeeld de kleuterstage af te schaffen, of door mannen meer bij elkaar te plaatsen. Hoe sta jij hier tegenover?

Ik vind het zonde om mannen bij elkaar te plaatsen, want mannen en vrouwen kunnen juist van elkaar leren. Verder zijn er natuurlijk mensen die gillend gek worden van een kleuterstage, maar ik vond het juist heel leuk. Geef mensen hierin de keus, zou ik zeggen. 

Wat zou volgens jou dan een betere oplossing zijn voor het mannentekort?

Het mag allemaal wat avontuurlijker. Veel mannen vinden het denk ik leuker om met een groep de natuur in te gaan en praktisch bezig te zijn. Dit vergt alleen nogal wat organisatie, waardoor het niet altijd mogelijk is. Daarnaast komt de overheid dan direct met regels en verplichtingen.

“Als mijn tante overlijdt kan ik niet naar de crematie, want er is niemand die mijn klas kan opvangen.”

Hoe ervaar je het lesgeven in de huidige situatie?

Het kost allemaal enorm veel energie. Je wil er altijd het beste uithalen wat erin zit – je gaat continu voor de 100%. Wat eerder weggaan als je je niet lekker voelt, kan uiteraard niet. Als je een vaste baan hebt in het onderwijs hoor je vaak: ‘Dan heb je vast lekker vaak vrij!’ Ja, maar als mijn tante overlijdt kan ik niet naar de crematie, want er is niemand die mijn klas even kan opvangen. Nu met het lerarentekort al helemaal niet.

Toen ik op de Pabo zat vertelde mijn eigen leraar van vroeger me dat hij met pensioen ging omdat hij de grote monden van de ouders zo zat was. Ik kan dat me goed voorstellen. Als leraar op de basisschool krijg je tegenwoordig ontzettend veel te maken met mondige ouders die de resultaten verwachten die een school ‘belooft’. School is een beetje een bedrijf geworden.

Het lerarentekort zal in de toekomst nog groter worden. In 2025 komen we wellicht zo’n 10,000 leerkrachten tekort. Hoe erg zijn we de pineut?

Eigenlijk zijn we dat nu al. Ik zie om mij heen veel collega’s echt omvallen. Die werkdruk moet en kan omlaag als leraren minder ‘moeten’ en controle meer wordt omgezet naar vertrouwen vanuit de politiek. Maar ik blijf toch vertrouwen houden – ik denk dat juist méér mensen door het tekort uiteindelijk de opleiding gaan doen. Al helemaal als uiteindelijk het salaris omhoog gaat.

En ben je zelf al eens bezweken?

Vorig jaar werd ik zelf ook ziek en ging ik tóch door omdat ik me verantwoordelijk voelde voor de klas. Je moet er zijn voor die kinderen. En je wil ook niet je collega’s opzadelen met een extra klas. Als ik me ziek meld, is er geen vervanger – het is gewoon geen optie. Uiteindelijk ging het mis bij mij en was ik maandenlang te ziek om te werken. 

Wanneer gaat de samenleving zich hardmaken voor de leraar, denk je?

Dat gebeurt nu al! Door de staking merk je wel dat de maatschappij signalen begint af te geven: ‘nu zijn we het zat’. 

Hoe denk jij dat het lerarentekort kan worden opgelost?

Revolutie! Nee, ik weet het nog niet zeker. Ik ben wel begonnen met mezelf inlezen. Momenteel heb ik het idee dat er meer alternatieve schoolvormen moeten komen, waarin één leraar niet meer alles doet. Denk aan vakleerkrachten. Het voortgezet onderwijs en het basisonderwijs zouden dan ook meer moeten samenwerken, en dat lijkt me goed. Ik hoop dat aparte groepen verdwijnen, want dat is eigenlijk heel inefficiënt. Een kind van vier kan veel leren van een kind van acht. Als je zoiets doortrekt naar het VO, heb je veel minder leraren nodig voor meer resultaat. 

Verder moet het salaris omhoog en de werkdruk omlaag, hoewel het er bij de laatste ook deels vanaf hangt hoeveel je zelf op je neemt. Ik kan zelf ook goed denken: hier heb ik nu geen tijd voor, dus dit doe ik niet.

En tot slot – ga je staken op 15 maart?

Ik heb net een nieuwe opdracht aangenomen, en ik wil die mensen niet in de steek laten. Ik laat het daar dus even vanaf hangen. Mocht het toch kunnen, dan zou ik wel graag willen gaan. Ik sta namelijk zeker achter de punten van de staking.

Rachelle (36) is sinds 2004 werkzaam in in het onderwijs in Dongen, Antje (35) werkt sinds hetzelfde jaar in Heusden

 Rachelle (links) en Antje.

Waarom werken jullie zo graag in het onderwijs?

A: Ik geniet echt van het werken met kinderen: de band die je met ze opbouwt en de mooie gesprekken die je met ze hebt. De verantwoordelijkheid die je hebt over het welbevinden en de ontwikkeling van kinderen en het feit dat je veel doelen met ze bereikt, is zo belonend.
R: Het feit dat je ze ziet ontwikkelen is heel erg mooi. En dat wij daaraan mogen bijdragen, is heel erg fijn.
A: Wij zeggen wel eens: ‘Onderwijs is iedere dag anders.’ Het is nooit saai. En je bent ook echt bezig om kinderen bewust te enthousiasmeren. Ook de afwisseling vind ik leuk, projecten, vieringen, theater, excursies, gastlessen...

Is er sprake van een spraakverwarring tussen de inspectie en basisscholen?

R: Zeker, het ministerie en de onderwijsinspectie willen veel zien qua schoolprestaties, maar benadrukken niet hoe ze dingen precies willen zien. Iedere school heeft daarom ook andere manieren om te documenteren, en dat levert veel gedoe op.Dingen zoals een groepsplan moest je bijvoorbeeld ook alleen maar schrijven voor de inspectie. Heel raar.

Wat zijn de grootste misvattingen over jullie beroep?

R: Dat wij om half vier meteen klaar zijn. Dat is echt onzin. Het werk gaat dan gewoon door.
A: En dat vakantie volledig vakantie is. Dat is niet waar, je blijft aan het werk.

En de grootste nadelen?

A: Het voorbereiden van lessen is hartstikke leuk, maar je komt er vaak niet aan toe door de vele randzaken. Dit is alleen maar meer geworden. En het vele administreren is een groot nadeel.
R: Daar loop ik ook tegenaan. Het verdelen van aandacht voor je leerlingen is daardoor soms niet mogelijk. Iedereen maakt het wel eens mee dat het je even teveel wordt en je niet meer weet waar je het voor doet. Je bent nooit klaar met werk en administratie. Een deel hiervan is zeker nodig, maar veel kan ook anders. Er zijn zoveel randzaken die het allemaal onnodig moeilijk maken.

Is het salaris ook een groot nadeel?

R: Ik zit in de hoogste schaal ik ga ook niet meer verdienen dan dit. Het geld weegt niet op tegen de werkdruk. Aan de ene kant weet je dat als je het onderwijs ingaat dat je het heel druk gaat krijgen, maar het komt en gaat met vlagen: soms heb je het heel druk en soms megadruk.

Zien jullie meer juffen of meesters voor de klas staan?

A: Wij hebben twee mannen bij ons op school, één daarvan is de directeur. Vrouwen worden ook makkelijker naar kinderen getrokken dan mannen, denk ik.
R: Dit beroep trekt mannen niet. Toen ik op de Pabo zat, zat ik met meer jongens in de klas - dat dan weer wel. Je kan het aantrekkelijker maken voor mannen door het salaris te verhogen. Dat speelt gewoon echt mee.

“Ouders hebben nu steeds meer inspraak in alles waardoor het aanzien daalt.”

Wordt het imago niet ook om zeep geholpen door het openbaren van alle problemen?

R: Klopt, de actualiteit laat vooral zien dat de beroepsgroep met veel problemen kampt, maar dat is wel noodzakelijk om op lange termijn alles weer op orde te krijgen. Vroeger had de leraar echt een status. Ouders hebben nu steeds meer inspraak in alles waardoor het aanzien daalt. Ouders worden steeds kritischer.
A: Ze willen nog wel eens het laatste woord hebben. Dan denk ik: heb vertrouwen in onze expertise. Heb wat vertrouwen in de docenten.

Denken jullie dat de huidige geboden oplossingen, zoals het goedkoper maken van de opleiding, gaan helpen?

A: Ik heb er niet echt vertrouwen in. Het is geen structurele oplossing.
R: Dat denk ik niet. Ik heb het idee dat veel maatregelen slechts korte termijn-oplossingen zijn. Wat de politiek echt moet begrijpen is dat op de basisschool wel het fundament van een mensenleven gelegd wordt. Door de werkdruk riskeer je dat leerkrachten niet alles uit kinderen kunnen halen wat erin zit.
A: Wij zeggen het eigenlijk al vaak: we kunnen veel kinderen niet bieden wat ze nodig hebben. De geldkraan moet echt verder open.

Oké, maar waar moet het geld naartoe?

A: Onderwijsassistenten en extra leerkrachten. Dat verlaagt de werkdruk. En kleinere klassen.

Hoe heeft het zover kunnen komen?

R: Er wordt te weinig geluisterd. De mensen bij het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap hebben weinig affiniteit hebben met het onderwijs, voor mijn gevoel. Op papier staat alles leuk, maar in de praktijk is het gewoon niet goed uitvoerbaar.

Gaan jullie de 15e staken?

A: Jazeker. Ik wil het beroep waar ik echt voor gekozen heb terug. Ik wil meer tijd voor leuke lessen, en meer tijd voor alle kinderen. Dat vind ik echt het belangrijkste. Salaris staat bij mij niet op één, maar de werkdruk wel. Ik lever door te gaan ook salaris in, maar het is gewoon belangrijk.
R: Ik ga niet. Ik vind het lastig, want vanuit de scholengroep is bepaald dat we er deze keer niet achter staan. We hebben al twee keer gestaakt, en er zijn op politiek vlak dingen toegezegd. We wachten nu de daadwerkelijke veranderingen af voordat we weer actie ondernemen. Ik sta zelf wel achter de zaak. Het is een beetje dubbel.

Dorus (26), studeert dit jaar af aan de Pabo in Utrecht en wil in de toekomst graag lesgeven aan groep 5 of 6

Hoi Dorus! Waarom heb je besloten om leraar te worden?

Ik werk zelf al heel lang in de muziekindustrie, dat was altijd mijn ding. Dat is natuurlijk heel interessant, maar er is meer in het leven dan alleen maar bezig zijn met muziek. Ik wilde me ook wel op een nieuw vlak ontwikkelen. En ik heb vroeger zelf heel leuke meesters gehad.

Uiteindelijk ben ik de Pabo een beetje random naast m’n huidige werk gaan doen. Ik wilde het gewoon proberen. Het is behoorlijk pittig, want naast een verkorte opleiding maak ik nog altijd muziek en werk ik drie dagen. Ik heb me daar in het begin wel op verkeken. Maar ik ben niet iemand die snel opgeeft, en inmiddels ga ik alweer het laatste half jaar van m’n studie in.

“Op mijn school werken twintig vrouwen, een mannelijke directeur en één andere mannelijke docent.” 

Merk je het lerarentekort zelf al een beetje in je werkzaamheden?

Ik geef momenteel les op een basisschool in Weesp en merk nu al dat ze behoorlijk aan me beginnen te trekken. Het onderwijs probeert je gewoon te claimen. Als man al helemaal – ik zit op een school met twintig vrouwen, één mannelijke directeur, en één andere mannelijke docent.

Hoe denk je dat het onderwijs aantrekkelijker kan worden voor mannen?

Dat is een interessante vraag. Ik denk dat het goed is om duidelijk te maken hoe leuk het kan zijn om een leuke meester te hebben. Ik had zelf altijd leuke meesters en die zijn me dan ook heel erg bijgebleven.

Heb je wel eens gespeeld met het idee om te stoppen met de opleiding?

Zeker! Vooral in het eerste half jaar. Ik zat toen op een basisschool in Utrecht en om me heen vielen de docenten echt om. Iedereen kampte met burn-out klachten, mijn eigen begeleider was ziek, ik kreeg te maken met vijf verschillende begeleiders, en de klas was ook nog eens ontzettend brutaal. Ik was nog een broekie en ik werd totaal in het diepe gegooid. Ik dacht nog: als dit het is, word ik gestoord. Maar ik besloot dat ik er gewoon even doorheen moest. En toen ik goede feedback kreeg op mijn werk, raakte ik wel weer gemotiveerd.

Sta je achter de punten van de staking?

Ja, zeker. Er ligt teveel druk op leerkrachten. Ze durven zich vaak niet eens ziek te melden. En ouders bemoeien zich overal mee. Het is echt een ondergewaardeerd beroep aan het worden – en dat terwijl het zo belangrijk is! Ik dacht als kind ook dat het heel chill zou zijn om les te geven qua tijden en vakanties. Maar aan het einde van de dag ben je kapot. Je moet continu over alles nadenken. En tegelijkertijd moet je ook een rolmodel voor kinderen zijn. Dat het zoveel energie kost, had ik van te voren niet bedacht.

En de werkdruk, waar komt die eigenlijk vandaan?

Dit is een combinatie van meerdere dingen. Dat overtollige administratieve werk overschaduwt het lesgeven zelf. En ouders leggen zeker extra druk, maar de leerkracht legt ook veel druk op zichzelf. Je wil het gewoon goed doen. Op dit moment studeer ik nog, dus merk ik natuurlijk nog niet zoveel van mensen van bovenaf. Misschien komt dat nog. Er zijn zoveel onzinnige regeltjes. Er wordt nu ook heel veel over het onderwijs geschreven. Het systeem zou moeten veranderen. Maar wat is dan het ideale onderwijssysteem? Ik heb geen idee.

Zijn er nog andere nadelen aan dit beroep?

Als je eenmaal in het onderwijs zit, wordt je erin opgeslokt. Dat is dan ‘wat je doet’, en je komt er maar moeilijk weer uit. Daarom zou ik ook nooit fulltime les willen geven – ik wil er altijd iets naast blijven doen. Dat is denk ik ook gewoon gezond.

Wat vind je het leukst aan het lesgeven?

Je leert ontzettend veel. Over jezelf, hoe je overkomt op mensen, hoe je dingen uitlegt – het is zo waardevol. Je gaat ook een aantal keer op je bek, en daarvan leer je het meest. Buiten je comfortzone treden was voor mij ook een motivatie om dit te gaan doen. Ik hou ervan om die spanning op te zoeken.

Wat valt je verder op nu je echt voor de klas staat?

De bemoeienis van ouders is wel een terugkerend ding. Ik merk dat ouders heel prestatiegericht zijn. Althans, zo komt het over. Ik maak me zorgen of de lat dan bij die kinderen niet ook te hoog wordt gelegd. De druk is bij hen ook al zo groot. Ik schrik daarvan. Waar komt dat vandaan? Een kind moet zich gewoon goed kunnen ontwikkelen. Het maakt geen fuck uit op welk niveau dat is. 

Hoe denk jij dat het lerarentekort kan worden opgelost?

Ik denk dat het salaris een deel van het probleem en dus ook de oplossing vormt. Ook moet er meer onderzoek worden gedaan naar de mensen die uit het onderwijs stappen.

Verder ben ik voor meer ruimte in het lesgeven zelf. Dat je als docent meer eigen inbreng mag geven. Opleidingen moeten daarin ook meegroeien. Ik hoor ontzettend veel gezeik op school, en ik doe er zelf aan mee. We hebben genoeg docenten die lesgeven op de Pabo, waarvan een heel groot deel totaal niet les kan geven. Dat is natuurlijk heel krom. Je wil wel dat je op de opleiding wordt geïnspireerd.

Zijn we de lul als maatschappij?

Als dit zo doorgaat? Ja. Het is echt ongelofelijk. Wat gaan ouders met hun kinderen doen?

Kunnen we deze situatie nog terugdraaien?

Ik geloof daar zeker in, als de studie weer aantrekkelijk wordt gemaakt. Daar zijn ze natuurlijk nu al mee bezig, door het bijvoorbeeld goedkoper te maken. Maar inmiddels zouden ze het bijna volledig gratis moeten aanbieden, zo hard zijn er nieuwe leerkrachten nodig. Geef mensen meer zicht op wat de Pabo precies inhoudt – volgens mij is dat voor veel mensen niet duidelijk.

Wanneer maakt de samenleving zich hard voor de leraar?

Ik vraag het me af. Eigenlijk is zoiets typisch Nederlands: het is misschien bot gezegd, maar iedereen vecht voor z’n eigen plekje en geeft weinig om een ander. Er moet eerst meer kennis komen over wat de leerkracht precies doet en hoe heftig dit kan zijn. Desnoods zet je gewoon iemand zonder ervaring voor de klas. Dan piept ie wel anders.

Ga je staken?

Ja. Maar ik heb hoe dan ook geen spijt van mijn keus leraar te worden. Dit werk gaat gepaard met ups en downs en vraagt enorm veel energie, maar je krijgt er zoveel voor terug.  


Op 15 maart, een week voor de Provinciale Statenverkiezingen, organiseren de Algemene Onderwijsbond (AOb) en FNV een onderwijsstaking. Alle sectoren doen hieraan mee, van basisschool tot universiteit. Het lerarentekort dreigt alleen maar groter te worden. Leerlingen en onderwijspersoneel zijn hiervan de dupe. Het is voor Nederland van groot belang dat hiervoor oplossingen worden gevonden. De PO-Raad maakt zich daarom onder meer hard voor een eerlijk salaris voor werknemers in het primair onderwijs en het verminderen van de werkdruk.

3FM-dj Sander Hoogendoorn en zijn vriendenteam organiseren Sanders Vriendenopvang voor iedereen die door de staking niet naar school kan. Lees hier meer over de actie!